Home
dichters
jaarlijsten
bronnen
COLOFON

Behorend tot: jaaroverzicht 1936                                                       versie: 28-11-2012

Dichter:
J. Slauerhoff
Titel:
Een eerlijk zeemansgraf
Uitgeverij:
Nijgh & Van Ditmar, Rotterdam
Jaar van verschijning:
Omvang: 58 p.
Bijzonderheden:
2de druk 1937, 58p.
  (Nijgh & Van Ditmar, Rotterdam )
3de druk 1941, 55p.
  (Stols, Rijswijk)
4de druk 1954, 57p.
  (Stols, 's-Gravenhage)
4de [=5de] druk 1985, 62p.
  (Nijgh & Van Ditmar, 's Gravenhage)

Google over dit boek

De gedichten in deze bundel zijn geschreven tussen 1924 en 1936. De bundel had in april 1936 moeten verschijnen, maar het werd juni, vlak voor Slauerhoffs verhuizing naar Villa Carla in Hilversum, waar hij 5 oktober daaropvolgend overleed. Een vroege bespreking van Een eerlijk zeemansgraf verscheen in Het Vaderland van 7 juli 1936.

 

Twee door de NPE gekozen gedichten uit Een eerlijk zeemansgraf:

 

Dar es Salaam

(Vredehaven)

Op de kaden drukt de zwarte hitte
Als een uit de hel geloste vracht
Onder stank en walm. Als ’t eenig witte
Zwieren meeuwen krijschend door de nacht.

Moeier van ’t bij ’t luik staan dan van spitten
Is bier ’t eenig heil waarnaar men smacht
Dageraad grijnst tusschen kust en nacht
Als roodwitte lach van negerlippen.

Vijf uur varen. Hoor ’t acht glazen slaan.
Nog één hijsch, nog een, dan staan de winches
Stop; op ’t dek valt stilte in voor vertrek.

Zie, ginds komt een britsche kruiser aan
Voor een ligkuur. Staal van dertien inches.
Heet zal ’t worden onder ’t pantserdek!

 

         ---|--------

 

 
Rimboe

Ik leefde lang op de verlaten plaatsen
Waar blanken niet dan noodgedwongen komen
Aan smalle oeverzoom van breede stroomen
Die niet dan ’t groen van ’t woudgewelf weerkaatsen.

Als hoofd van een kolonie van melaatschen
Heb ik een zwarte nymph tot vrouw genomen,
Loop haast niet meer maar rijd soms in mijn droomen
Veerkrachtig met een friesche faem op schaatsen.

Er is hier niets meer dat mijn leven stoort
Hetzij de plaag van mieren en muskieten
En soms de vage haat aan ’t vaderland,

Spijt dat ik onheil stichtte maar geen brand
Dat ik gemarteld heb en niet gemoord
Maar verder kan ik ’t leven zeer genieten.

 

 

J. Slauerhoff, uit: Een eerlijk zeemansgraf (1936)

terug naar boven

 

Pagina aangemaakt door: Jurgen Eissink, 27-11-2012.


 
Deze pagina is mede mogelijk gemaakt door:



© De Nederlandse Poëzie Encyclopedie, 2012

Webdesign Revan Barlas