Home
dichters
jaarlijsten
bronnen
COLOFON
De affaire Elsbeth Etty

Plagiaat: het zonder bronvermeldingen overnemen van teksten van anderen.

versie:
13-07-2017


'Waar wel zware sancties, tot aan ontslag op staande voet, op staan, is plagiaat. Ook in recensies is overschrijven van anderen zonder bronvermelding ten strengste verboden. Vroeg of laat wordt plagiaat altijd ontdekt. In alle gevallen volgt ontslag of een schrijfverbod voor onbepaalde tijd.' (Elsbeth Etty, ABC van de literaire kritiek. Balans, Amsterdam, 2011)


In zijn boekwerkje Staande receptie (Vantilt, 2012) toont Jos Joosten aan hoe Elsbeth Etty werk van anderen plagieert. Dat doet zij in hetzelfde boek waarin onder het lemma 'Ethiek' haar bovenstaande visie op het plegen van plagiaat staat afgedrukt.

En hoe ze dat doet, het plagiëren, is hier te zien:

In 1968 maakten vrouwen circa 5 procent uit van het aantal literatuurcritici bij de dag- en week-bladen, waar zij minder dan 1 procent van de recensies voor hun rekening namen. Van de ongeveer tweehonderd critici die in 1978 oorspronkelijk Nederlandstalige fictie bespraken, was minder dan10 procent vrouw, en deze vrouwelijke critici tekenden slechts voor 3 procent van alle recensies.   In 1968 maakten vrouwen circa 5 procent uit van het aantal litera-tuurcritici bij de dag- en week-bladen, waar zij minder dan 1 procent van de recensies voor hun rekening namen. Van de circa tweehonderd critici die in 1978 betrokken waren bij het recenseren van nieuw uitgekomen, oorspronkelijk Nederlandstalig werk was minder dan 10 procent vrouw, en deze vrouwelijke critici tekenden slechts voor 3 procent van alle recensies.
Begin jaren negentig vormden vrouwen circa een kwart van de critici die recente Nederlandstalige literatuur bespraken; zij waren verantwoordelijk voor circa 15 procent van de recensies.  
Begin jaren negentig bleek de situatie aanmerkelijk veranderd. Vrouwen vormden ongeveer een kwart van de critici die in 1991 nieuwe Nederlandstalige literatuur bespraken; zij waren verantwoordelijk voor circa vijftien procent van de recensies.
Elsbeth Etty, ABC van de literaire kritiek, Balans, 2011


 
Nel van Dijk en Susanne Janssen. 'De reuzen voorbij. De metamorfose van de literaire kritiek in de pers sedert 1965'. Journalistieke cultuur in Nederland. Red. Jo Bardoel et al. Amsterdam University Press, Amsterdam, 2002

Ook haalde Elsbeth Etty tekstmateriaal voor ABC van de literaire kritiek van Wikipedia. Links zoals het bij Etty in het boek staat afgedrukt, rechts wat op de Wikipediapagina over Menno ter Braak staat. Voor de duidelijkheid: het Wikipediamateriaal is ouder.

Dit criterium heeft grote invloed gehad op de Nederlandse literatuur én de literaire kritiek; hoewel er na de oorlog ook veel kritiek op kwam, onder andere van de kant van de experimentele dichters van de Vijftigers (Lucebert, Bert Schierbeek, Remco Campert, Gerrit Kouwenaar en Jan Elburg), die Ter Braak cum suis verweten geen oog te hebben gehad voor het surrealisme en andere stromingen, waarin juist de vorm centraal stond en níet de kunstenaar of diens persoonlijkheid.
  Dit criterium van de persoonlijkheid van de schrijver heeft tot op heden grote invloed gehad op de Nederlandse literatuur én de literaire kritiek; dit ondanks het feit dat er na de oorlog ook veel kritiek op werd uitgeoefend, niet in de laatste plaats door de vertegenwoordigers van de Vijftigers, die Ter Braak onder andere verweten geen oog te hebben gehad voor het surrealisme en andere bewegingen, waarin juist vormen centraal stonden en níet de kunstenaar of diens persoonlijkheid.
Ter Braak en zijn geestverwanten wilden in romans niet worden verzwolgen door woorden en stijl. Maar dat zij in het werk de persoon van de auteur wilden ontmoeten, betekende niet dat zij genoegen namen met een ongepolijste uitstorting van emoties of met plat realisme. Ter Braak
verlangde wel degelijk een zekere distantie, humor, en vooral ook beheersing van het onderwerp. Om niet de indruk te wekken, dat het hem alléén om de kracht van de persoonlijkheid te doen was en niet ook om diens integriteit, introduceerde hij in zijn essays en kritieken het aan Pascal ontleende criterium van de honnête homme, de fatsoenlijke of waardige mens.
  Ter Braak wilde in de romans die hij las, niet worden verzwolgen door woorden, stijl en perspectief; dat hij de persoon wilde ontmoeten, betekende voor Ter Braak echter geen ongeboetseerde uitstorting van emoties of naakt realisme.

[...]

Om echter niet de indruk te wekken, dat het hem alléén om de kracht van de persoonlijkheid te doen was en niet ook om diens integriteit, voegde Ter Braak hier het aan Pascal ontleende criterium aan toe van de honnête homme, de fatsoenlijke of waardige mens [...].
     

Dit is trouwens niet voor het eerst, dat Etty zich aan plagiaat te buiten gaat. Al in 1998 viel het mensen op dat zij - om het voorzichtig te zeggen - wel erg slordig was bij het al dan niet vermelden van bronnen.

Lieske Tibbe, Universitair docente aan het Kunsthistorisch Instituut van de Katholieke Universiteit Nijmegen, merkte in maart 1998 middels een ingezonden brief in het Parool op:

"In Het Parool (PS) van 7 maart las ik het artikel 'Wapengekletter rond 'impotente' Roland Holst' van Paul Arnoldussen, waarin een hoog opgelopen discussie beschreven staat tussen Henny Buiting en Elsbeth Etty over de Henriette Roland Holst-biografie van de laatste.

Graag zou ik als auteur van het proefschrift 'R.N. Roland Holst - Arbeid en Schoonheid vereend. Opvattingen over gemeenschapskunst' (Amsterdam/ Nijmegen 1994), hierop reageren. Het boek van Elsbeth Etty,Liefde is heel het leven niet, is heel overtuigend en meeslepend geschreven.

(...)

Etty's verhaal over de levensgang van Henriette Roland Holst, van overambitieus ten gevolge van seksuele deprivatie tot vergeestelijkt dankzij sublimatie, valt of staat met het gegeven van het echtelijk falen van Richard.

Wat mij betreft valt het. De gegevens die zij aanvoert bij de introductie van dit leitmotiv in haar boek, zijn stuk voor stuk aanvechtbaar. En dit is niet de enige plek in het boek waar wishful interpretation van bronmateriaal in te hoge mate voorkomt. Een en ander levert een boek op dat boeiend is in literair opzicht, maar nogal eens dubieus in wetenschappelijk opzicht.

(...)

Toch zou ik aan het precisiewerk van Buiting nog een persoonlijke grief willen toevoegen. Omdat correspondentie-archieven doorgaans alfabetisch geordend zijn, kwam ik bij het uittrekken van de dossiers van Richard Roland Holst ook meermalen die van Henriette tegen. Ik neusde ze soms in maar schreef niets over - op twee kleine uitzonderingen na - omdat je niet op andermans onderzoeksterrein hoort te grazen.

Uit die door mij terzijde gelegde (omvangrijke) dossiers van mevrouw Roland Holst kwam ik in Etty's boek niets tegen, wel een en ander uit de aanpalende archieven van meneer en een van mijn uitzonderingen.

Ik kwam ook geen andere fragmenten tegen dan die ikzelf had uitgezocht. Soms werd daarbij naar mijn boek als vindplaats verwezen, vaker niet. Moet ik dit opvatten als een compliment voor mijn selectievermogen of als een aanwijzing dat Etty wel eens bronnen aanhaalt zonder daadwerkelijk autopsie te plegen ? Al met al kan ik mij in de kritiek van Henny Buiting over wetenschappelijke onzorgvuldigheden wel vinden."

[bovenstaande brief werd eerder geciteerd op het Contrabas-weblog, 27-04-2012]

Zie ook:

Irene de Pous. 'Recensent Elsbeth Etty beschuldigd van plagiaat''. De Volkskrant, 26-04-2012.
http://www.volkskrant.nl/boeken/recensent-elsbeth-etty-beschuldigd-van-plagiaat~a3246737/


Samenstelling: Bart FM Droog, 27-04-2012 / 07-06-2015



© De Nederlandse Poëzie Encyclopedie, 2012-2017

Webdesign Revan Barlas